Monthly Archives: januari 2015

Moeten

Waar volwassenen al moeite hebben dat zij zoveel moeten, kunnen HSK niets met zinnen waarin het woordje moeten voorkomt. Zij moeten niets. HSK zijn van nature geneigd om anderen tegemoet te komen, dus waarom zou een ander hen zeggen wat zij moeten doen?

Carolien zit in groep 4. Iedere keer is zij de laatste met het pakken van haar boek en werkschrift. De juf spreekt  haar ouders hier op aan tijdens het 10 minuten gesprek. Thuisgekomen vragen haar ouders: de juf vertelde dat jij altijd laat bent met het pakken van je spullen, hoe komt dat zo? Carolien: In groep 3 zei de juf altijd: jullie mogen je boek pakken. Deze juf zegt: Jullie moeten nu je boek pakken. En dan denk ik: denkt de juf nu echt dat iemand het niet zal doen als ze zegt: jullie mogen je boek pakken? En dan ben ik zo aan het denken dat ik vergeet om mijn spullen te pakken.

HSK nemen alles letterlijk dus ook het woordje moeten ervaren zij als dwang. In een tijd waarin kinderen steeds vaker eigenaar worden van hun eigen leerproces is het belangrijk om duidelijke kaders uit te zetten. Kinderen laten zich graag leiden. Zodra zij gestuurd worden kunnen ze echter recalcitrant worden. Het woordje moeten kan niet altijd door mogen vervangen worden omdat kinderen dan werkelijk denken dat zij altijd keus hebben. Op de ene school is daar meer ruimte voor dan op de andere school. Belangrijk is echter dat de impact van het woordje moeten erkend wordt en dat men zich bewust is van het feit dat het weerstand op kan roepen.

Zodra het moeten verdwijnt zullen kinderen meer vrijheid ervaren en makkelijker zelf verantwoordelijkheid nemen. Bij moeten is geen vrijheid dus geen eigen inbreng mogelijk. Kinderen zijn echter zeer inventief. Binnen bepaalde kaders kunnen zij laten zien wie zij werkelijk zijn en hoe zij verbanden leggen, structuren doorzien en hun oplossend vermogen aanspreken.

Noor Gabriëls

(dit artikel was eerder te lezen op HSPadviseurs)

Praktische tips voor ouders

Praktische tips voor ouders

Baby’s

  • Baby’s die veel huilen vinden het prettig dicht bij hun moeder of vader te zijn, een draagdoek kan dan wonderen doen, heb je toch je handen vrij.
  • Daarnaast kun je hem of haar rode sokken aan doen en een rood rompertje. Dit helpt om te aarden. Een rood hoeslaken of dekbedovertrek werkt ook.
  • Voetjes masseren met lavendelolie of lotion is rustgevend.
  • Laat de baby niet van hand  tot hand gaan en geef gerust zelf de fles wanneer je voelt dat hij of zij dit prettiger vindt. Wanneer je de baby wel uithanden geeft laat dan voelen dat je dat doet omdat je vertrouwen hebt in de persoon die hem of haar vast gaat houden.
  • Wanneer het een drukke dag is geweest met veel prikkels, stop de baby dan ’s avonds even in bad. Alle energieën van anderen worden dan van hem of haar afgespoeld.

Peuters en kleuters

  • Peuters en kleuters voelen zichzelf groot, zo willen zij ook behandeld worden. Neem hen serieus en geef duidelijke antwoorden zodat zij weten waar ze aan toe zijn. Zij kunnen omgaan met een duidelijk nee, bij een vaag antwoord blijven ze om duidelijkheid vragen. Volwassenen noemen dat vaak zeuren.
  • Wanneer een peuter of kleuter makkelijk overprikkeld wordt:
    • Paars ondergoed, beschermd hen tegen energieën van anderen
    • Rode sokken helpen aarden
    • Schone kleren na schooltijd, KDV, PSZ of BSO zodat ze energieën van anderen kwijtraken
    • Douchen, liefst iedere avond. Ook het hoofd, zij zullen makkelijker in slaap vallen doordat ze onder de douche veel energieën en prikkels van de afgelopen dag los kunnen laten.
  • Kinderen die alleen willen spelen doen dit niet omdat zij geen contact kunnen maken met andere kinderen. Hun belevingswereld is groot, zij hebben vaak niemand nodig. Niets doen is niet synoniem aan vervelen of niet sociaal. Veel kinderen hebben het nodig om prikkels te verwerken tijdens hun spel of willen prikkels vermijden door alleen te spelen. Feitelijk zorgen zij dus heel goed voor zichzelf.

6 jaar en ouder

  • HSK houden niet van verrassingen, zij bereiden zich graag voor op wat zij kunnen verwachten.
  • HSK nemen alles letterlijk. Spreekwoorden, uitdrukkingen en gezegden kunnen verwarring scheppen. Ook uitdrukkingen als: je bent te groot of te klein om… nemen zij letterlijk.
  • Van kinderen wordt verwacht dat zij heel de dag stil zitten op school. Dit is geen natuurlijke houding. Kinderen hebben het nodig hun energie kwijt te kunnen, niet in één keer na schooltijd, maar gedoseerd. In overleg met de leerkracht is het mogelijk hier afspraken over te maken. Dit hoeft niet veel tijd te kosten. Een sprintje trekken na het rekenen en daarmee je eigen tijd verbeteren neemt niet meer dan een paar minuten in beslag. Het kind zal zich daarna echter veel makkelijker kunnen concentreren.
  • Kinderen die moeilijk aarden hebben baat bij rood ondergoed en rode sokken. Wanneer zij makkelijk gevoelens en energieën van anderen overnemen kan een paars hemd wonderen doen.
  • Iedere avond douchen zorgt voor het loslaten van prikkels en van energieën van anderen (al zijn er veel kinderen die stromend water pijnlijk vinden op hun huid)

 

Noor Gabriëls (eerder gepubliceerd door HSPadviseurs)

Meer dan hoog sensitief

Meer dan hoog sensitief!

Hoog sensitief betekent: erg gevoelig. Maar wat betekent het om in hoge mate gevoelig te zijn? En wat is dat eigenlijk, waar bestaat het uit, erg gevoelig zijn. Het volstaat niet om te zeggen dat de ene mens meer voelt dan de ander of dat zintuigen beter ontwikkelt zijn. Dat is slechts een klein kenmerk. Hoog gevoeligheid behelst zoveel meer.

 

Het verschil tussen weten en denken.

Zoals bekend is, zijn er vele denkniveaus. Het niveau van denken hangt samen met iemands IQ. Denken heeft te maken met informatie vergaren en verwerken, met observeren, verinnerlijken en weergeven van alles dat te maken heeft met het onderwerp waar men mee bezig is. Dit gebeurt dagelijks en op diverse gebieden. Denken gebeurt overal: op school en op het werk, in de supermarkt en op een verjaardag, tijdens het uitoefenen van een hobby en bij het deelnemen aan het verkeer. Overal maken we gebruik van informatie die we op dat moment krijgen en daarnaast van al eerder vergaarde informatie.

 

Weten bestaat uit kennis waarmee we geboren zijn. Ieder mens weet. Als baby weet je dat je duidelijk mag maken wanneer je hulp nodig hebt. Baby’s huilen anders wanneer ze honger hebben dan wanneer ze aandacht nodig hebben. Op deze manier kunnen zij hun ouders kenbaar maken welke behoefte zij hebben. Zodra zij in gevaar zijn zullen zij op een alarmerende manier huilen. Ouders zullen dit ook niet negeren terwijl ze een huiltje om aandacht rustig aan zich voorbij kunnen laten gaan.

 

Het weten van een kind wordt regelmatig gezien als bedreigend. Kinderen spiegelen volwassenen voortdurend. Kinderen kunnen volwassenen confronteren met uitspraken die zo waar zijn dat de volwassene het kind bestraft omdat het kind zo ‘brutaal’ is. Het is echter de volwassene die zich niet geconfronteerd wil zien. Het is niet prettig terecht gewezen te worden door een kind, het is heel moeilijk om de uitspraak van het kind ter harte te nemen en er iets mee te doen. Toch is iedere volwassene zelf een kind geweest met hetzelfde inzicht dat de huidige kinderen tentoonspreiden. Uitspraken van kinderen werden vroeger niet geaccepteerd maar bestraft en veel volwassenen hebben dus als kind geleerd om hun mond te houden en niet ‘brutaal’ te zijn. Wanneer zij luisterden naar hun weten brachten zij zichzelf in een lastig pakket en dus heeft het merendeel van de huidige volwassenen ervoor gekozen om zich af te sluiten van het eigen weten.

 

HSK kunnen zich niet afsluiten van hun weten. Zij voelen hoe belangrijk het is om in contact te blijven met dit weten. Hun manier van leren sluit dan ook volledig aan op hun weten, niet op hun denken. HSK leren anders. Zij raken in de war wanneer stof herhaald wordt en zij zien de logica van oorzaak en gevolg niet, terwijl er overwegend nog lineair les wordt gegeven. Kinderen van Nu vergaren hun informatie gecompartimenteerd. Dit wil zeggen dat zij beelden combineren met wat zij horen en lezen en met wat zij zelf ontdekken. Hun plaatje is hierdoor vele malen sneller compleet dan het plaatje van iemand die lineair leert. Wanneer iemand iets zegt kan dit het weten van het kind aanraken. Dit is genoeg voor het kind om een volledig beeld te krijgen. Het ontbrekende schakeltje kan een opmerking van iemand zijn. Wanneer iemand vanuit zijn denken naar een oplossing zoekt zijn er veel meer gegevens nodig om het plaatje compleet te maken. Kinderen van Nu kunnen dus extreem hoge scores laten zien op school waarna zij even zo makkelijk weer volledig af kunnen haken. Wanneer zij informatie krijgen die niet aansluit op hun systeem van leren, zij zelf niets uit mogen zoeken of op mogen zoeken, zal het kind óf afhaken óf het beeld niet compleet kunnen krijgen. Het kind kan het zelf niet bedenken, voor hem zit er geen logica in de aangeboden informatie.

 

Op veel scholen wordt informatie lineair aangeboden. Bij veel vakken op school geeft de leerkracht de leerlingen informatie en de daarop volgende les wordt de informatie herhaald en aangevuld met nieuwe informatie. Op deze manier wordt de kennis van de leerlingen op peil gebracht. De informatie komt meestal van de leerkracht en daarnaast mogen leerlingen oefenen en in sommige gevallen zelf informatie opzoeken. Op steeds meer scholen wordt het zelf vergaren van informatie als een belangrijk middel gezien. Zelf vergaarde informatie beklijft over het algemeen beter. De weg naar het eindresultaat is in deze zeer belangrijk.

Voor kinderen die gecompartimenteerd denken is het zelf vergaren van informatie essentieel. Door zelf te ervaren, zelf uit te zoeken en zelf te verwerken wordt hun kennis in hoog tempo vergroot.

Noor Gabriëls

(eerder gepubliceerd door HSPadviseurs)